16. jul, 2012

Vechten voor je recht op je eigen beleving!

De Bachelor. Geweldig programma. Volkomen gemanipuleerd uiteraard maar het resultaat bevindt zich ergens  tussen ordinair woeste catfights en Pow Nieuws. Maar dan voor dames.
Vet opgemaakte vrouwen, overdreven bruine man, tropisch eiland. Zet ze met z'n allen bij elkaar, gooi er een roos en Robert Love-Maker overheen, zet er een camera op en kijk eens aan...Van 'Best Friends' tot 'Most Hated', van diepe "sisterhood' naar pure, naakte afgunst. De realiteit verworden tot bordkarton met een sjieke cocktail, belachelijk overdreven barbie-goes-to-ball jurken, Bob Ross achtige zonsondergangen en kunstwimpers; zo sta ik 's ochtends niet op.

Wat bezielt zo'n vrouw? Of eigenlijk beter: wáárom willen ze die man? Daar zijn heel verschillende redenen voor, heb ik geleerd van dit programma. Er is een mevrouw die de man wil omdat ze wil winnen. Ze zegt steeds: "Het is al lang duidelijk, ik ben de juiste keuze voor hem." In de eerste paar afleveringen dacht ik dat ze een soort van grapje maakte, om even scherp te zetten dat ze gemotiveerd is en zich niet in een hoek laat drijven. Dat moet ook niet want in dit programma is de schaarste aan man kunstmatig hoog gehouden. En alles wat schaars is, is gewild. Bovendien heeft ze er een beleving bij; namelijk dat zij het meest sexy is. Voor haar is dat een belangrijke maatstaf. Daarnaast heeft zij de absolute overtuiging dat haar beleving een algemene waarheid is; zij is het meest sexy en dus zal de man voor haar kiezen. Dat haar gebit van ellende aan elkaar hangt, dat ze nauwelijks boven het intellectuele niveau van een gemiddelde peuter uitstijgt en feitelijk gewoon een lelijk hoofd heeft, daar gaat ze gemakshalve maar even aan voorbij. Het is háár film, háár waarheid, háár beleving. En daar vecht ze dus ook voor.
En het leuke is dat er 10 van die vrouwen zijn die allemaal hun waarheid hebben en daarvoor keihard gaan vechten. Ze maken elkaar zwart en dik in het bijzijn van elkaar en de man, ze liegen en bedriegen nog een tandje bij, eten nog minder en persen zich in nog dramatischer Sissy-jurken.
Het moet net als in de film. Het zál net als in de film; hun eigen film.

De werkelijkheid is natuurlijk anders.
Als je om de verkeerde redenen op zoek gaat, vind je alleen maar bevestiging van alles wat je eigenlijk probeert te ontlopen.
Denk daar maar eens over na. Het is zo.
De Bachelor gaf de mevrouw bij de laatste ceremonie géén roos en dus mocht ze aftaaien en naar huis. Woedend was ze. Woest. Kwaad. Ze zal wel naar de Telegraaf stappen en iemand een rechtszaak aan de onvermoede broek doen. En gelijk heeft ze; hoe dúrft hij niet te zien wat zij ziet? Hoe dúrft hij de verkeerde beslissing te nemen en haar niet te kiezen? Onmogelijk! En nu is hij dus, naast verantwoordelijk voor haar meest gelukzalige dagen, ook verantwoordelijk gesteld voor haar diepste teleurstelling, verdriet en ellende. Hij wilde haar beleving niet en gaf geen erkenning aan haar film. Het recht is aan haar kant, dat zie je meteen.
Ze zei nog tegen hem: "Als je mij niet tegelijk met die ander op date had meegenomen, had je zeker wel gezien dat ik een betere keuze zou zijn geweest." En toen hakte ze op haar stillettootjes dwars door het tropisch warme zand zó de zonsondergang van Bob Ross in.

 Mijn oma zei altijd: "as is verbrande turf. Daar kun je geen fatsoenlijk brood meer op bakken." Heel wijs, mijn oma. Echte Zeeuwin, trouwens.
In bepaalde culturen denken ze daar anders over, overigens. Daar bakken ze de lekkerste dingen op een paar hete stenen en in het nagloeiende as. Maar meestal gaan ze daar wat functioneler met relaties om; heb je gewoon 6 vrouwen en hoef je geen rozenceremonie te houden en allerlei hooggespannen verwachtingen aan gort te slaan. Je bent (zo goed als) verzekerd van nageslacht, je krijgt eer en aanzien en het halve dorp heeft weer te eten omdat jij de drie zussen gewoon allemaal neemt. Handjeklap, economisch verantwoord en heel duidelijk allemaal.

Ik ga nu effe meteen een taart bakken.

                                  Posted 25th May 2011 by K. Rehorst